Brodsky Quartet

Zondag 11 november 2012

BRODSKY QUARTET

Er was reden voor een feestje; het Brodsky Quartet werd veertig jaar geleden opgericht. Het is een feestje geworden. Wie het kwartet in de jaren gevolgd heeft, weet dat de vier graag eens aan de andere kant van muzikale muurtjes kijken. Ze hebben in het verleden samengewerkt met popfenomenen als Elvis Costello en Paul McCartney en wezen daarmee in ieder geval één liefhebber van popmuziek de weg naar de kamermuziek.

Een dergelijk ensemble, dat af en toe uit het vaste muzikale hokje wil komen, zal ook zijn jubileumconcert niet via een geijkt stramien laten verlopen. Er werd voor verrassingen gezorgd. Het toeval speelde een grote rol bij de vaststelling van het programma. De veertig favoriete stukken van het kwartet stonden in vier groepen op het Wheel of 4 tunes, het lot - of in ieder geval de draaiende hand van iemand uit het publiek - bepaalde welke muziek op de standaard kwam. Voor de eerste groep, die bestond uit kortere stukken, stokte het rad van fortuin bij Webern, Langzamer Satz voor strijkkwartet. Weense late romantiek, met breed uitgesmeerde melodielijnen. Soms zwaarmoedig, maar op andere momenten spetterend van levensvuur en optimisme. Een uitstekend begin.

De tweede keuzegroep bestond uit langere werken. Dankzij het wiel kreeg het publiek het strijkkwartet van Verdi voorgeschoteld. Voor zover bekend de enige kamermuziek die Verdi geschreven heeft, als een soort vingeroefening tijdens de repetities van de opera Aida, in 1873. Zelf was hij er niet erg tevreden mee, jammer genoeg. Kamermuziek geschreven door componisten die zich veel met zang hebben beziggehouden, blinkt vaak uit in melodische en lyrische rijkdom. Zo ook dit werk. De klankkleur die het Brodsky Quartet eraan gaf, zou Verdi misschien overgehaald kunnen hebben om nog eens een stukje te proberen.

Voor het eerste werk na de pauze werd gekozen uit een groep moderner stukken, die voor de leden van het kwartet van grote persoonlijke betekenis waren. Het wiel kwam tot stilstand bij Preghiera, een werk van de Noor Henning Kraggerud. Componist en het kwartet zijn ongeveer even oud, dit werk werd speciaal geschreven om op het wiel te plaatsen. Het beleefde de première in februari van dit jaar. Overrompeld dansende klanken, opvallend klezmerachtig. Bij de uitvoering werd nog eens duidelijk dat kamermuziek ook visueel spektakel kan bieden. Halfstaand, met zijn instrument in een scherpe hoek, leek de violist af en toe een dansje mee te willen doen.

Misschien om het laatste, indrukwekkendste stuk alvast aan te kondigen. De laatste keuzegroep bestond uit de zeer geliefde meesterwerken uit het repertoire, het wiel koos voor Schubert, De Dood en Het Meisje. Zo veel levenskracht in een stuk dat over de dood gaat, ongelooflijk. Van tijd tot tijd leek de muziekervaring te intens, met bijna dramatische sprongen van snel naar langzaam, van de demonische viooldans in het derde deel naar de gekmakende dodendans van het vierde deel. Uitputtend voor de musici, uitputtend voor de luisteraar die deze dolle dansen niet kan ontspringen.

Maar een feest, een meeslepend feest.

Bravo Brodsky’s, bedankt, en nog veertig jaar erbij!

Frans van Riel